Het voorspel

Een dubbelconcert dus.

Mozart behoeft geen krans, die is gekend tot in het hele universum als we Klara mogen geloven. De andere naam, Norbert Rosseau, roept meer vraagtekens op. Uiteindelijk zal blijken dat hij een pareltje heeft gecomponeerd, maar die zit bij onze eerste kennismaking nog verborgen in een oester van het meer gesloten type.

Zo vlot als Mozarts requiem, vol sierlijke krullen, wordt ingelepeld, zo pittig blijkt de Messe des Morts à Is van Rosseau. Het stuk is een mijnenveld voor sopranen, alten, tenoren en bassen. Sabine wil ons niet zenuwachtig maken, ze moét wel.

Het verhaal achter dit zwarte pareltje is voldoende stof om een opera te vullen. De legende vertelt over een volledige stad die verzwolgen werd door de golven, als straf voor het losbandige leventje dat de inwoners leidden. Eenmaal de voetangels in de partituur overwonnen zijn, komt daar dus nog een niet zo simpele interpretatie bovenop. We moeten ons inleven in de rol van swingende kwallen, kleverige zeenimfen, verzonken kathedraalklokken, verweekte geraamten of deinende golven. Tijdens de eerste lezingen klinkt het soms eerder als een stel krijsende pauwen die in een straalmotor wordt gezogen, maar dan laat Sabine ons meestal even bekomen met een gracieus stukje Mozart. Ja, dirigeren is een ingewikkelde kunst…

Generale pauze

Concertweekends brengen altijd speciale emoties aan. Het is net alsof je plots van een mineur- naar een majeurtoonladder klimt. De vele uren repeteren smelten samen tot iets wat de belofte inhoudt van een uitvoering comme il faut. Vanuit een soort luwte, neemt de voltage ongemerkt toe, en begint Kalliope zich te aarden. Elk(e) individueel vertrouwen en zin voor verantwoordelijkheid zoekt zijn weg tussen de andere, en het geheel is sterker dan de som van de aparte koorleden.

De finale

Naarmate het publiek toestroomt, stijgt onze polsslag navenant. Op dit moment duiken soms enkele doemscenario’s op. Wat als… het licht uitvalt tijdens het concert; het podium doorzakt, er een GSM afgaat in de zaal, of, nog erger, in het koor (stel je voor!).

Niets van dat alles. Je kan een speld horen vallen als de ingetogen inleiding van de Messe des Morts à Is wordt afgerond. Dan volgen de 6 kristalfragiele delen, van de profundis helemaal tot lux perpetua.

Sabines gezicht spreekt boekdelen zonder één woord te zeggen. Als ook enkele mensen in het publiek letterlijk op het puntje van hun stoel zitten te luisteren, zijn we helemaal in onze nopjes.

In het tweede deel wordt het podium op volle sterkte benut. Het aantal zangers is verdubbeld met Altra Voce erbij, het orkest Ensemble a brengt de instrumenten in aanslag en de 4 schitterende solisten vormen de kers op de taart. Kalliopes stembanden mogen dan al verlangen naar platte rust, maar onze zieltjes zitten nog vol adrenaline en niets zo leuk als die los te laten op het laatste meesterwerk van Mozart, con eleganzia.

Waar iedere muzikant het voor doet? De vele uren werk, repeteren op een moment dat ieder ander in zijn zetel ligt,…? Dat onuitgesproken, maar collectieve gevoel: vanavond wordt het echt goed!

En dat was het ook.

Sandrine, koorlid